Buffalozone.be © 2009 

U bent hier: Startpagina > Info over de club > Mance Seghers

 

Armand 'Mance' Seghers

De panter van het Jules Ottenstadion



Mance Seghers

Met spijt in het Buffalohart nam de Gentse voetballiefhebber afscheid van een man die jarenlang het Gentse maar ook het nationale doel 11 keer met brio verdedigde. Armand 'Mance' Seghers speelde van 1949 tot 1966 voor K.A.A. Gent en werd ter gelegenheid van het 100-jarig bestaan van onze club door de fans uitgeroepen tot 'Buffalo van de eeuw'. Tevens werd hij ereburger van de gemeente Zelzate. In totaal werd deze doelman 20 maal opgeroepen voor de nationale ploeg.


Armand Seghers ging de geschiedenis in als de doelman met grote handen en de pet. Een pet die hij in de duels vaak verloor, maar de bal zat meestal klemvast in zijn handen. 'Mance' werd tijdens zijn eerste cap op 25 december 1952 internationaal bekend als de 'held van Colombes' - België won met 0-1 van Frankrijk - en verdedigde tot zijn veertigste het Gentse doel.



Met K.A.A. Gent won hij in 1964 de Belgische beker en speelde heel wat Europese wedstrijden.


Een legendarische uitspraak van de geliefde keeper was: "Ik wil 28 matchen missen, maar die twee tegen Club Brugge mogen ze me niet afpakken." 


De Gentse goalie stierf op 78-jarige leeftijd na een slepende ziekte op 15 maart 2005. 

 



Wie was Armand 'Mance' Seghers?


  • geboren op 21 juni 1926 te Zelzate
  • overleden op 15 maart 2005 te Zelzate
  • loopbaan:
    • 1942-1949 SLV Zelzate
    • 1949-1966 KAA Gent - La Gantoise (in deze periode miste hij minder dan 20 matchen)
    • 11 caps (1952-1960)
  • anekdote: In 1959 verloor Mance de Gouden Schoen met één schamel puntje van Lucien Olieslagers van Lierse. Toppunt was dat de Gentse doelman drie punten gaf aan de Lierse kapitein omdat hij zichzelf als doelman kansloos achtte. Seghers heeft altijd met veel spijt teruggedacht aan de unieke kans op de trofee die hij toen zichzelf onthield.

 



Getuigenissen


Roland Lebuf (journalist): "Mance sprak tot de verbeelding. Zijn bijnaam was niet voor niets "de panter". Hij speel de altijd met een pet, die hij verloor als hij dook. Maar de bal had hij wél. Mance was een heel gemoedelijke en joviale man. Maar ook een noeste werker. Hij speelde 16 jaar bij Gent. Aan een transfer dacht hij niet. Hij was te gehecht aan zijn stad." (Sporza Radio). 



Aimé Anthuenis (coach): "Wij verliezen opnieuw een icoon uit het Belgische voetbal. Armand Seghers kon echt de massa beroeren maar had een groot nadeel. In die tijd bepaalden de grote clubs de nationale selecties, terwijl hij enkel bij Gent speelde. Hij was ook een groot voorbeeld voor de jeugd."



Jean-Marie Pfaff (ex-doelman): "Ik heb hem nooit zien spelen, maar overal waar ik kwam werd er niets dan goeds over Seghers verteld. Mance ontmoette ik wel op recepties en bijeenkomsten. Toen ging het altijd over "La Gantoise". Er verdwijnt alweer een echt fenomeen uit ons Belgische voetbal."



Richard Orlans (ex-ploegmaat): "Gent is een legende verloren. Ik kan uren over die man vertellen. Mance was echt een type om naar op te kijken. Bovendien bleef hij een volksmens, ondanks de successen die hij kende. Ik herinner me zijn eerste match nog tegen Leuven. En Mance deed het niet zo best. Maar wat daarna volgde was soms fenomenaal. Hij was in feite een ideale ploegmakker."

Bron: Sporza Radio en VRT-teletekst

 



Afscheidstekst van een fan

"De engel met de grootste handen van de hemel"
Buffalo-supporter Rudi Moeraert mijmert bij dood van zijn idool Mance Seghers



"Mance Seghers is dood. Het nieuws zinderde gisteren door de supporterscafés rond het Gentse Ottenstadion. Mance was niet zomaar een doelman die van 1949 tot 1965 het doel van de Gantoise verdedigde. Mance was voor de Buffalo's de doelman van de eeuw.

In die tijd had je als keeper ook nog een echt beroep. Mance was 'bieruitzetter' zoals dat in de Vlaanders heet. Hij leverde bier aan huis en hij kon véél flesjes in één hand omvatten, want de handen van Armand Seghers waren legendarisch groot. Ik had de eer hem te interviewen, ergens in de jaren zeventig, toen hij in zijn Zelzate van een verdiende rust genoot.

Toen ik hem de hand drukte voelde ik mij een kleuter aan de hand van opa. Dat waren geen handen, dat waren kolenschoppen! Ik zou niet graag als aanvaller voor Mance zijn verschenen. Hij beloerde vanonder zijn eeuwige pet de tegenstander en hij zwaaide met de grootste handen die ooit op een Belgische terrein te zien waren. Je moest koudbloedig zijn als spits om niet met elastieken benen weg te vluchten wanneer Mance op je kwam afgestormd.

Armand Seghers was een godheid in zijn tijd. Iemand die zestien jaar lang in het doel van dezelfde ploeg staat, dat is een monument! Wie nieuw in de ploeg kwam, werd eerst getest door Mance, met een of andere grap. Ik herinner me de bulderlach van Mance toen hij vertelde hoe hij het met de soigneur had georganiseerd dat ze Mokuna eens heel straf gingen masseren.

,,Ik had aan die soigneur gevraagd om ervoor te zorgen dat die straffe massagezalf verschillende keren in contact zou komen met het veelbesproken geslachtsorgaan van onze held uit Congo. Nog nooit is Mokuna zo rap het veld opgelopen. Het brandde in zijn broek! En wij lagen op de grond van het lachen!" Mance had altijd zijn pet op. De legende wil dat hij af en toe die pet verloor tijdens duels, maar zelden de bal. Als keeper van de nationale ploeg heeft hij ooit in Frankrijk heroïsch werk geleverd. De held van Colombes, heet hij sindsdien.

Gent heeft altijd goede keepers gehad. Ook na Mance Seghers. Vanavond tegen Lokeren zal Herpoel de bijzondere bescherming genieten van de engel met de grootste handen van heel de hemel. De Buffalo van de eeuw is niet meer. Zijn herinnering blijft nog minstens een eeuw voortleven in elke Buffalo-hart."

Bron: Het Nieuwsblad

 

 

 

 

"Niet kijken is niet voetballen."
Johan Cruijff